Ik open LinkedIn en krijg binnen de twee minuten een ongemakkelijk gevoel. Ik overdrijf niet. Dat is een patroon dat ik al meer dan tien jaar herken. In 2016, in 2022, vandaag. Dat was zo toen ik mijn profiel aanmaakte in 2014 en dat is nog altijd zo vandaag. Altijd hetzelfde gevoel: mensen die grote uitspraken doen over het vak, mensen die zichzelf vieren, mensen die bij mij ooit door de mand zijn gevallen en dat netjes verpakken in een post of zitten te leuteren in één of andere podcast. Zij lijken te roepen dat ze voor alles de beste oplossing hebben. En ik twijfel.
Ik dacht lang dat het aan mij lag. En ergens ligt het ook wel aan mij. Maar het zorgde ervoor dat ik dacht dat ik niet in ‘marketing’ thuishoorde. Het was goede voeding voor iets waar ik al heel mijn carrière last van had. Imposter syndrome*. Maar was ik de imposter? Of zijn het de LinkedIn habitués? Kunnen we wel spreken van imposters en moet ik me gewoon over mezelf heen zetten? Misschien. Maar er blijft grond zitten aan mijn zelftwijfel, en het gaat vaker gepaard met competentie dan je zou denken (zie ook het Dunning-Krugereffect²).
Zelftwijfel van bij het begin
Ik ben begonnen als student bij een e-commercebedrijf, met basic copy-paste werk, zonder diploma, want mijn ouders hadden terecht beslist dat ik zelf voor mijn studies mocht instaan, als ik dat nog wilde. Ik heb ze zelf gefinancierd en via afstandsonderwijs in combinatie met werken behaalde ik een Bachelor in businessmanagement. Ondertussen groeide ik door tot manager en rechterhand van de zaakvoerder. Ik ben nu bij twee bedrijven betrokken en/of verantwoordelijk geweest voor de volledige scope van hun marketinginspanningen. Bij allebei zijn we in contact gekomen met marketing agencies voor één of ander project. Voor extra capaciteit, een frisse blik, omdat een specifieke markt meer gespecialiseerde kennis vroeg of omdat ik twijfelde of ik voldoende capaciteit had om het volledig op mij te nemen. Telkens kon ik de fabeltjes doorprikken, en vaak kwamen we na verloop van tijd tot de conclusie dat ik de aanpak en de uitkomst had voorspeld. Ik wil niet te veel op de marketingbureau’s bashen, want het is niet zwart of wit. Maar toch lijken ze te weinig tijd te hebben om het businessmodel of product écht goed te leren kennen om te begrijpen welke aanpak nodig is. Ik vind dat oprecht jammer.
Maar toch. LinkedIn, de podcasts, de thought leaders, de mensen die altijd zeker zijn van zichzelf en hun eigen naam als merk bouwen, die reageren op elk trending topic met een mening die kant noch wal raakt maar er wel goed uitziet. De disruptors en de growth hackers. Al die buzzwoordjes bezorgen echt een grote afkeer bij mij. Ik geloof wel in netwerken, maar niet in netwerken om te netwerken, niet in elke professionele scheet delen om aan je connecties te tonen wie je bent en met wie je omgaat. Dat is niet wie ik ben. En omdat het niet wie ik ben is, vroeg ik me af of ik het misschien gewoon niet begreep, of er iets aan mij ontbrak. Ik had het gevoel dat ik moest kiezen tussen mijn integriteit of tussen succesvol worden als marketeer. Op een bepaald moment dacht ik: val ik vroeg of laat zelf door de mand? Word ik niet beter bakker? Of bij welke beroepen is er geen noodzaak om de schijn van het LinkedInspelletje mee te spelen?
Loopbaanbegeleiding gaf mij inzicht
In 2023 kwam veel op me af. Nieuw leven, afscheid van leven, een nieuwe job in de chaos. Ik kon niet bij de pakken blijven zitten met bovenstaande doemgedachten in mijn achterhoofd. Daarom ben ik jobcoaching gestart bij Nathalie Vandelannoote, loopbaanbegeleider. Omdat ik oprecht twijfelde of ik niet een andere richting uitmoest. Passen mijn talenten wel bij wat ik doe? Met jobtesten en karakterproeven kwamen we tot de vaststelling dat ik eigenlijk min of meer op mijn plek zat: analytisch denken, strategisch denken en taalvaardigheid zijn mijn sterkste eigenschappen. En die zelftwijfel, die neiging om nooit zomaar zeker te zijn van mijn eigen aanpak, is precies wat mij onderscheidt van de rest. Marketeers worden buiten hun vakgebied vaak bekeken als praatjesmakers. Een marketeer die voortdurend mee roept met wat de rest zegt, lijkt niet meer kritisch naar zijn eigen aanpak te kijken en focust meer op het gevoel rond zijn personal branding dan wat klopt. Ik heb het daar moeilijk mee omdat het mijn integriteit lijkt aan te tasten.
Wat LinkedIn me eigenlijk leert
Ik ga nog steeds soms op LinkedIn. Het gevoel is altijd hetzelfde. LinkedIn is een goed platform, zeker voor marketeers: personal branding is een legitieme manier om je expertise zichtbaar te maken, en mensen die daar goed in zijn verdienen respect daarvoor. Maar LinkedIn meet activiteit. Wie regelmatig post, reageert en zichtbaar is wordt beloond door het algoritme, wie achter de coulissen bezig is met het werk zelf minder. Voor sommige mensen is die zichtbaarheid natuurlijk, het past bij wie ze zijn. Voor mij niet. Ik doe liever goed werk dan erover posten om er aandacht mee te krijgen. En dat gevoel van mismatch met wat het platform verwacht zorgde er lange tijd voor dat ik dacht dat er iets aan mij ontbrak. Ondertussen schrijf ik nu ook wel over mijn ervaringen, omdat het mijn business kan helpen. De stap naar meedoen met het LinkedInspelletje is dichter dan ik zou wensen, want puur op mijn website ga ik nooit de visibiliteit genereren die mijn bedrijf nodig heeft. De ironie van heel dit artikel is dat ik de toekomst van mijn bedrijf boven mijn vals gevoel van integriteit moet leren zetten. En misschien is dat gewoon uit mijn comfortzone durven komen. Al post ik misschien gewoon de artikels die ik op mijn website schrijf zonder meer. Dan wordt deze wellicht zelfs de eerste.
Waarom zelftwijfel in dit vak nuttig is
Marketing lijkt een vakgebied vol mensen die beweren het warm water uitgevonden te hebben, marketing agencies die industry benchmarks als heilig beschouwen, zonder te begrijpen hoe je product of bedrijf in elkaar zit. Consultants die het antwoord al hebben voor ze de vraag hebben gesteld, en rapporten die er goed uitzien maar de verkeerde dingen meten. Marketingmensen die als het ware vermomd zijn als salespersonen. Zelftwijfel maakt je concreet. Je toont je data en je houdt de nuance erin. Als je twijfelt ga je ook geen loze beloftes maken. Je bent gewoon eerlijk over wat je verwacht.
Wat mijn vader mij onbewust heeft geleerd
Mijn vader had een spierziekte, overwon twee kankers maar verloor in dat jaar 2023 helaas de derde. Minder dan een jaar voor hij stierf deed hij de pelgrimstocht naar Compostela. Minder dan een maand voor hij stierf bleef hij gewoon zijn werk verder doen. Hij deed dat allemaal zonder medelijden te vragen. Wie meer wil lezen kan dat hier doen. Zijn leven was uiteraard meer dan al die tegenslagen, maar hoe hij in het leven stond met die tegenslagen heeft mij enorm veel geleerd. Zelfmedelijden houdt je tegen, het helpt je niet vooruit. Ik dacht dat ik misschien ‘ooit’ mijn eigen bedrijf ging hebben. Maar dat moment leerde mij dat ik er meteen moest voor gaan. Ik ben blij dat ik beslist heb zelfstandig te worden zonder te wachten tot ik zeker genoeg was. Anders was ik nog steeds aan het wachten. En deze marketeer met het klassieke oplichterssyndroom staat daarmee net paradoxaal sterk in zijn schoenen. En na het schrijven en nalezen van dit artikel besef ik eigenlijk dat heel dat LinkedIngedoe een logische stap zal zijn voor mijn bedrijf. Voor sommigen zal dit dan overkomen als hypocrisie. Mea culpa.
* Imposter syndrome of oplichterssyndroom is een psychologisch gegeven waarbij je het gevoel hebt dat je ondanks je kwaliteiten en verwezenlijkingen onterecht geraakt ben waar je nu staat. Je voelt je inadequaat ten opzichte van de rest.
² Dunning-krugereffect: Het omgekeerde van imposter syndrome, het effect waarbij amateurs zichzelf schromelijk overschatten omdat ze de complexiteit niet overzien.
